Vandaag
weer vroeg opgestaan voor de tweede en laatste lange wandeling in Ordesa. Odie
uitlaten, ontbijten (yoghurt en thee; Greetje had inmiddels al weer 2 broodjes
klaargemaakt en cake gesneden), alles inpakken in de rugzak en niets vergeten.
Om 7.10 ben ik klaar en loop vol goede moed naar de bus. Stipt op tijd rijdt de
bus om 7.30 richting Ordesa. Het wordt vandaag een lange dag.
Met een
geschatte wandeltijd van 6.5 uur ben ik vooraf wel een beetje onder de indruk
van de tocht die ik ga maken. Ik weet namelijk niet helemaal wat ik kan
verwachten behalve dan dat de eerste anderhalf uur alleen maar klimmen is via
een zigzag lopend jaagpad (“senda de cazadores”) naar de top van de boomgrens,
600 meter boven me!! Parkwachten informeren ons dat de klim heftig zal zijn
maar dat het uitzicht fantastisch is. Via het brede valleipad kom ik na 5 min.
aan bij het sterk omhooglopende en smalle senda de cazadores dwars door het
bos. Slechts 1 persoon breed, over een licht schuin hellend pad naar de zijkant
loop ik eerst door een bos vol bladeren van boomstronk naar boomstronk, zo hier
en daar opgevuld met rotsen. Het pad loopt met meer dan 30% heftig omhoog en ik
ben blij dat ik mijn wandelstok heb meegenomen. De eerste stappen in het bos
zijn snel genomen maar als ik 20 m hoogteverschil heb genomen (van de 600 !!)
merk ik dat dit niet de methode is die ik vol kan houden…”tikkie terug jaap”…ik
moet een meer gelijkmatige tred houden en regelmatig rusten om boven te kunnen
komen. Teruggaan is hier eigenlijk geen optie omdat dalen hier toch wel als
gevaarlijk wordt aangeduid. En geloof me, het is waar. Ik heb nu de stappen
gezet de berg op en zal de hele rit moeten gaan afleggen.
Langzaam,
voor mijn gevoel, zet ik stap voor stap omhoog, steeds in de gaten houdend dat
ik regelmatig rust….zo bereik ik de eerste 100 m, en nog 100 m. Het is veel
zwaarder dan ik gedacht had en ik heb nog maar 1/3 erop zitten…mijn tijd klopt
wel. Het eerste half uur zit erop. Dat is goed. Naarmate ik heftig zwetend steeds
hoger kom verandert het landschap van een donkere bosachtige ondergrond met
veel boomwortels naar meer en meer rotsformaties. Het pad verandert in een
rotsige ondergrond die moeilijker en moeilijker te bewandelen is. Het pad
verandert bovendien voortdurend van richting om voorbij te komen aan de
overhangende rotsformaties boven mij. Ik kom langzamer vooruit, het
hoogteverschil gaat sneller vanwege de stappen die ik moet maken op de rotsen
die het pad aangeven. Inmiddels op 300 m ontmoet ik 2 Spanjaarden die ik vlak
tevoren in de bus gezien had. De eerste 2 personen in 45 min wandeltijd. Tijd
om te rusten en te drinken. Ik zet mijn rugzak neer op een rotswand en
realiseer me dat dit wel erg zwaar is. Ik ben nog maar op de helft ! Onder me
hoor ik nog een paar mensen zwoegen…gelukkig ik ben niet alleen J…
Ik doe mijn rugzak weer om en vervolg opnieuw mijn weg omhoog. Langzaam
welliswaar en na elke zigzag stoppen en 15 seconden rusten, kom ik in een wat
gelijkmatiger tred hoger en hoger. Elke 20 m hoogteverschil rust ik wat langer
uit. Mijn benen gaan goed, uithoudingsvermogen ook, gelukkig hier heb ik hier
geen enkel probleem. Wandelen op deze manier heeft toch wel te maken met hoe je
zo lang mogelijk, al is het langzaam, door kunt gaan. Meter voor meter
hoogteverschil neem ik door alleen maar op het pad te kijken en ervoor te
zorgen dat je niet struikelt. De stok is een enorm hulpmiddel als steun. De 400
m gaat voorbij. Bij 500 m bereik ik langzaam de boomgrens. Het bos laat meer
licht toe en ik kan de omgeving vaker zien, en ook de inmiddels enorme diepte
die onder mij ligt…wow. Niet voor mensen met hoogtevrees.
Het pad
verandert opnieuw. De rotsformaties worden groter, het is moeilijker het pad te
volgen zonder steeds weer een halve meter of meer omhoog te stappen…van rots
naar rots. Er is meer gravel op het pad aanwezig wat lastig lopen is vanwege
het glibberige karakter. Een paar keer verloopt het jaagpad over een gravelveld
wat waarschijnlijk in eerdere jaren verschoven is. Toch zie je dat de parkwacht
hier aandacht aan geschonken heeft om alles zo veilig mogelijk te maken. De top
is in zicht als ik het laatste gravelveld oversteek en weer in een licht bos
terecht kom. Even door het bospad lopen en EINDELIJK, na 1.5 uur zwoegen en
zweten kom ik bij de eerste schuilhut en het balkon (Mirador de Cazzadores).
Een betonnen balkon met railing dat een fenomenaal uitzicht verschaft van een
groot deel van de Ordesa vallei. Aan de overkant zie ik de pieken van Frankrijk
liggen. De Taillon met zijn 3.146 m
Nu is
het even echt uitrusten en genieten van het landschap. Wat eten en drinken en
kijken wat er om me heen gebeurt. Er zijn ongeveer 20 mensen boven, ook de 2
Spanjaarden. Vanaf nu gaat het makkelijker worden, alhoewel ik nog 5 uur moet.
Onder mij vliegt sierlijk een hele grote roofvogel op zoek naar voedsel. Het is
de grote lammergier die alleen in de Pyreneeën voorkomt..
Na 15
min hou ik het voor gezien. Met de camera in de aanslag ga ik op weg langs de
richel tegen de rotswand die zich van dit punt uitstrekt tot aan de beklimming
van Monte Perdido…Circo de Soaso en de paardestaartwaterval (Cascades Cola de
Caballo). Met een lengte van 4 km over de “Faja de Pelay” ben ik hier de
komende 2.5 uur wel zoet mee.
De
parkwacht gaf aan dat Faja de Pelay goed te bewandelen is. Eigenlijk loopt het
pad alleen maar af vanaf het uitkijkpunt tot in de vallei…Of ….eigenlijk anders
gezegd, Faja de Pelay loopt idd wat af maar geen honderden meters. Het pad in
de vallei stijgt van 1.300 m naar 1.800 m terwijl ik vanaf 1.950 m over 4 km
daal met ongeveer 150 m….vrij horizontaal dus. Wat de parkwacht er niet bij
verteld heeft is dat het pad smal is, dicht langs de 500 m diepe afgrond
verloopt en een beetje op en neer gaat. Dan weer 30 m naar beneden, dan weer 20
m omhoog etc….om gemiddeld steeds een beetje te dalen. Al met al een
vermoeiende bezigheid. Niet altijd even gemakkelijk omdat je steeds
geconcentreerd moet zijn op het pad voor je. Gelukkig loop ik nog in de schaduw
van de bergen. De zon heeft me nog niet te pakken. Het jaagpad is mooi, het
uitzicht is fenomenaal, de camera is vanaf het balkon nog niet uit mijn handen
geweest.
 |
Faja de Pelay
Nog geen
15 min later zie ik aan de overkant Brèche Roland verschijnen. De poort naar de
Franse kant; de Gavarnie. Daar waar Greetje en ik jaren geleden ook al gelopen
hebben. Toen hebben we Brèche Roland niet kunnen zien…nu zie ik hem wel. WOW,
waanzinnig mooi ! Tot aan Brèche Roland is een hele sneeuw en ijsvlakte
zichtbaar. Zonder speciaal klimgereedschap kom je hier niet vanuit de Spaanse
kant. De aanblik in die koude onherbergzame wereld, de waterval ervoor en de
ongenaakbare bergen is fantastisch. Ik zit en maak foto’s van het spektakel om
niet te vergeten…maar ik moet weer verder. Al snel heb ik een regelmatige tred
te pakken en vervolg zwijgend mijn weg. Ik hoor alleen de vogels om mij heen,
het grit onder mijn schoenen en het “tik tik” van de wandelstok bij elke stap
die ik zet…verder is er niets, helemaal niets. Alleen het uitzicht en zo nu en
dan een wandelaar.
|
 |
| breche roland |
Het
jaagpad vervolgd zijn weg langs de rotswand, door het bos, over een heuvel
etc…totdat ik bij een grasveld terechtkom met een tweede schuilhut. Ik denk
ongeveer de helft van dit pad gehad te hebben. Als ik naar de overkant kijk, en
naar beneden zie ik dat ik ongeveer ter hoogte van de watervallen ben, diep
onder me.
Ik heb
in mijn leven nog niet zo’n waanzinnig mooi uitzicht gehad. Langzaam verandert
de vegetatie van bosachtig naar een meer open dennenbos en vlakkere “weides”
waar enorme rotsblokken verspreid liggen. Het pad loopt nu toch wel naar
beneden en de vallei Soaso komt in zicht. Diep onder me zie ik de Gradas de
Soaso (watervallen) liggen. In het dal heeft men er nu 2 uur opzitten, ik
inmiddels bijna 3,5 uur.
Vanaf
nu is het dalen dalen dalen over gravel en rotsblokken. Zo nu en dan een
waterval oversteken. Voorzichtig…het is glad.
Ik wordt moe. Steeds vaker merk ik dat ik mijn voeten onvoldoende optil
waardoor ik gravel en rotsen raak in het pad. Struikelen doe ik niet maar soms krijg
ik een dreun tegen mijn tenen aan. Niet lekker. Bewust til ik mijn voeten hoger
op, toch slaat de vermoeidheid toe. Gelukkig is het eindpunt is in
zicht….Cascades Cola de Caballo. Ik schat nog ongeveer een half uur.
De
cascades heb ik vanaf hier goed in het cameravizier, net als de vallei Soaso en
de Rio Arazas onder me. Prachtig om te zien. Dit is adembenemend, even
doorstappen en ik ben er. Het is 12.00 en ik sta voor de watervallen. Ik ben
echt behoorlijk moe. Tijd voor uitrusten, drinken (ik heb nog een halve fles
water), eten en de bandana verfrissen in de rivier. Rustend voel ik nu pas de
hitte van de zon op mijn lijf. Mijn hoofd is warm.
 |
| Cascades de Cola de Caballo |
 |
| monte perdido en circo de soaso |
Ik kan
hier niet uren blijven, dus na wat gegeten en gedronken te hebben en een frisse
bandana om kan ik mijn weg weer vervolgen. Daar waar sommigen naar refugio Göritz
gaan voor de beklimming van Monte Perdido of oversteken naar Frankrijk, sla ik
af, terug naar de parkeerplaats. De route terug is begonnen…2.5 uur terug over
het brede pad wat ik eergisteren heb beschreven…geen foto’s gemaakt. Alleen
maar terugwandelen, met hier en daar een stop. Ik kom veel wandelaars (en
toeristische stadspark-achtig geklede mensen op slippers) tegen deze keer.
Natuurlijk meer wandelaars, ik ben ook meer als 1 uur later op de terugweg. Over
de weg terug heb ik niet erg veel te verhalen behalve dan dat ik toch wel
behoorlijk moe wordt, zeker als ik de vallei uit ben, Gradas de Soaso
(waterval) opnieuw heb bewonderd en de smalle open vallei voor me opdoemt. Het
bos begint over ongeveer een kilometer meen ik me te herinneren. De hitte van
de zon is nu echt merkbaar. Ik verlang naar de koelte van het bos. Een beetje
strompelend loop ik langs een jong stel waarvan de vrouw blijkbaar haar enkel
heeft verstuikt. Ze proberen terug te lopen maar het gaat duidelijk heel zwaar
worden. Voor een normale wandelaar is de weg terug vanaf hier al meer dan 1.5
uur. Ik ben inmiddels in het bos en loop met een gelijke tred het pad af. Onophoudelijk
kom ik mensen tegen “ola”, “OLA”, “ola” hoor ik continu. Jammer dat het minder “tranquilo”
is als in de vroegte. Het luisteren naar de vogels, het getik van mijn
wandelstok en het gekraak van grit onder mijn schoenen heeft wel wat. Ik
concentreer me op mijn tred en de plaats waar ik mijn voeten neerzet op het
gravel. Zo nu en dan stoot ik mijn tenen weer tegen een rots. “oefff, voeten
weer niet opgetild” denk ik pijnlijk. De moeheid slaat nu echt toe. Afdalen is
lastig. Nog een half uur en dan ben ik er. …..de rivier Arazas verloopt
inmiddels links van mij. Nog een kilometer en ik kan de parkeerplaats op….EINDELIJK.
gehaald. Ik voel de moeheid in mijn voeten nog sterker opkomen. Met zware
schoenen haal ik een ijskoude cola aan de bar…dit heb ik even nodig….5 min
zitten. Nog even het laatste eten en terug de bus in. Greetje en Odie staan me
op te wachten bij de bus…xxxxxx
Dit was
toch wel mijn grootste wandeluitdaging tot nu toe…en de mooiste.
Ordesa
is fenomenaal mooi en een hele ervaring.
“Been there…Done that”
PS: dit
was zonder Greetje’s opoffering van 1 dag niet gelukt..:-)